Page 19 - PiledArms 1 2020
P. 19

    Dankzij de grote vissenstaart-dempers is het uitlaatgeluid heel beschaafd.
Sport, Sloper, Style als Silent betekenen. De nieuweling was de eerste BSA met een zadeltank en was trendsetter voor een nieuwe stijl. Binnen enkele jaren kwamen vrijwel alle Britse motorfabrie- ken met modellen met een schuin staande cilinder. Daarnaast was de BSA Sloper ook bijzonder stil. Dit was te danken aan de brede nokken, aan de nokvolgers met hun vlakke onderkant, aan de tuimelaars die op rollagers draaiden en aan de grote vissenstaart-uitlaatdemper. Dit was auto- techniek, toegepast in een motorfiets en daaraan is de achtergrond van Harold Briggs te herkennen. Ook bij de con- structie van het smeersysteem wordt dit duidelijk want de olietank bestond uit een afgescheiden compartiment van het car- ter. Het big-end draaide op een dubbel rollager en de krukas had een kogel- en rollagerconstructie, kortom het was een degelijk gebouwd motorblok. De open kleppen moesten handmatig worden gesmeerd en de tuimelaars hadden af en toe een spuitje vet nodig. Het frame was uitgevoerd als dubbel-wiegframe waarvan de verschillende framepijpen met behulp van bouten aan elkaar waren verbonden; het motorblok zorgde hierbij voor de ver- eiste stijfheid. De zadelhoogte bedroeg slechts 63 cm waardoor je het gevoel had in de motor te zitten. De achterrem werd bediend met het rechter rempedaal en een voetpedaal aan de linkerkant bediende de voorrem. Als optie kon dit pedaal worden vervangen door een handrem. Verlichting, een claxon en een mijlenteller waren niet aanwezig maar die onderdelen waren tegen meerprijs wel leverbaar. De eerste optie was acetyleen-verlichting en wie nog meer geld had te besteden kon kiezen voor elektrische verlichting.
De Red Star
In 1928 veranderde er niet veel maar het jaar daarna werd de Sloper-serie uitge- breid tot vijf modellen. De S29 Two-port OHV was uitgevoerd met dubbele uit- laten; een modeverschijnsel dat alleen gewicht toevoegde en verder niets ople- verde, behalve dat de motor er nu (van achteren gezien) symmetrisch uitzag. Deze motor kreeg dat jaar een klein broertje in de vorm van de L29 met een cilinderinhoud van 349cc. Deze motor was ook voorzien van dubbele uitla- ten maar het rijwielgedeelte was lichter geconstrueerd. Omdat in die tijd nog niet iedereen overtuigd was van de kwa- liteit van een kopklepper, waren er twee zijkleppers aan de reeks toegevoegd: de
S29 SV de Luxe met een cilinderinhoud van 493cc en de H29 de Luxe die speci- aal bedoeld was voor zijspanrijden en 557 cc groot was.
In 1930 werd het frame veranderd; de bovenbuis die van het balhoofd naar de tank liep, werd vervangen door een smeedstalen I-profiel. Volgens de fabriek zou dit zorgen voor een uitzonderlijke stijfheid, een grotere veiligheid, meer comfort en een bijzonder sterk frame. De rest van het frame bestond nog steeds uit een verzameling losse buizen die aan het I-profiel waren vastgebout. Het leve- ringsprogramma was dat jaar uitgebreid tot 7 Slopers: één 350cc model, twee
De webb-vork is gemaakt van dunne buisjes
De tankschakeling bedient de 3-versnellingsbak.
   De Sloper is voorzien van een drie-versnellingsbak zoals het plaatje op de bak aantoont.
19

























































































   17   18   19   20   21