Page 20 - PiledArms 5 2020
P. 20

 De dood
van een motorgigant
  door:
Ad van Boheemen
Van de eens zo roemruchte Britse motorindustrie die bijna een halve eeuw lang de wereldmarkt beheerste en een leidende rol speelde bij de ontwikkeling en verbetering van de motorfiets, is (op Triumph na) vrijwel niets meer over. Automatisch rijst de vraag: Hoe is dit mogelijk geweest en wat waren daarvan de oorzaken?
  Het boek Giants of Small Heath geeft hierop een antwoord en legt uit wat de oorzaken zijn waardoor het BSA-imperium over de kop is gegaan. Hierbij een uittreksel van de hoofdstukken 11, 12 en 13 waarin de ondergang van The Birmingham Small Arms Company is beschreven.
Dit verhaal heeft al eerder in de Piled Arms gestaan, in december 1983 en het voorjaar van 1984. Niet alle (nieuwere) leden zullen dit hebben gelezen daarom publiceren we het 36 jaar later nogmaals.
Enkele achtergronden
Er is en wordt nog steeds gezegd dat BSA ten onder is gegaan door slecht bestuur (management). Maar wat is precies slecht bestuur? Als hiermee wordt bedoeld dat het bestuur niet vakkundig was slaat men de plank mis, want er zaten wel degelijk mensen met voldoende vakkennis in de BSA- top, maar toch werd het bedrijf slecht bestuurd. De Britse industrie is er
vaak van beschul- digd dat zij verouderd was
en niet inves- teerde, maar BSA inves- teerde op
grote schaal in nieuwe gebouwen en machines, Zij had het modern- ste gereedschap en de nieuw- ste machines en
werkte met de laatste typen computers. Ook de verkooppolitiek is vaak bekriti- seerd. BSA leverde een (te?) complete serie modellen die van 250 tot 750cc liep. Critici beweerden dat zo’n veelheid aan modellen de productie bemoeilijkte en de prijzen deed stijgen. Het zwaartepunt lag bij de 650cc motoren, dus zou het sim- pel zijn als BSA zich op die modellen zou concentreren. Het tegenargument was echter dat veel (niet alle) motorrijders met een lichte motor beginnen en na enige tijd overstappen op een zwaarder exemplaar. Als er geen 250cc BSA zou zijn en de beginneling zou een lichte Honda kopen, dan zou de kans groot zijn dat hij daarna een zware Honda zou kopen en geen 650cc BSA.
Er is verondersteld dat er geen reservegel- den beschikbaar zouden zijn die in slechte tijden konden worden aangesproken. Het bestuur is echter altijd voorzichtig met geld omgegaan. In de jaren ‘60 werd minder dan de helft van de winsten als dividend uitgekeerd, de rest werd als reservegelden opzij gelegd. Deze reser- ves waren in 1968 gestegen tot ruim 13 miljoen pond. Uiteindelijk was al dit geld nog niet genoeg, want alleen al in 1971 was het verlies 8 miljoen pond, maar het laat zien dat men voorzichtig was. Als de bovengenoemde punten niet de oorzaak warenvanhetinstortenvanBSA,watwas dan wel de oorzaak?
Een aantal factoren hebben hieraan meegewerkt, die men het beste kan omschrijven als zijnde “van geestelijke aard”. Eén daarvan is het gebrek aan com- municatie, dat in het midden van de jaren
 148



















































































   18   19   20   21   22