Selecteer een pagina

C25 / B25 / B40 / B44 / B50

De type specialisten voor deze modellen zijn Wieland Schildmeijer en Reinder Bielleman.

Kenmerken

De BSA C25, B25, B40, B44 en B50 modellen zijn machines met ééncilinder unit-motor van 250 t/m 500 cc, gebouwd in de periode van 1960 t/m 1972.

Produktieperiode en eigenschappen

In de catalogus van 1961 was een nieuwe 350cc ééncilinder opgenomen, de B40, die de B31 moest vervangen. De nieuweling was ontstaan door de boring van de C15 te vergroten naar 79mm. Uiteraard waren er meer aanpassingen gedaan om het tegenomen vermogen te kunnen verwerken. Een jaar later kreeg de B40 een 60 watt alternator en de big-end constructie met rollenlager van de C15. In het zelfde jaar werd de SS90 gepresenteerd, een sportversie van de B40, in lijn met de SS80. De SS90 was uitgevoerd met een hogere compressieverhouding, een sportnokkenas, een grote inlaatklep en een grotere carburateur. Van de 250 scrambler was de close-ratio versnellingsbak overgenomen. Hiermee haalde de SS90 een topsnelheid van 85 mijl/u (136 km/u).

In 1965 verscheen de Victor Grand Prix, een volbloed scrambler gebaseerd op de motor waarmee Jeff Smith in 1964 het wereldkampioen motorcross behaalde. Door een langere slag had de motor een cilinderinhoud van 420cc. Door verdere ontwikkeling ontstond de B44 die met een boring x slag van 79 x 90mm een cilinderinhoud had van 441cc. Tevens had hij een robuuster carter gekregen en de krukas draaide op een rollager en een kogellager. In 1965 werd Jeff Smith nogmaals wereldkampioen.

In 1967 verscheen de C25 Barracuda die de C15 verving. Tegen alle logica in had hij niet het bigend met dubbele rollenlager van de C15/B40 gekregen maar een glijlager. De C25 had hetzelfde ontwerp als de C15 maar was voorzien van grote vierkante koelribben op de cilinder en de kop. Net als bij de Gold Star werden de kleppen gesteld met behulp van excentrische tuimelaarassen. Een andere nieuwkomer was de Victor Roadster, een vergrote Barracuda. Hoewel de productie van de burgermotoren al was gestopt, werd in 1967 nog een legeruitvoering van de B40 gemaakt: de B40WD. Deze was voorzien van een 12 volt-installatie en een aangepaste versnellingsbak.

In 1968 was de Victor Scrambler niet langer leverbaar. De C25 Barracuda en de Victor Roadster ondergingen een naamwisseling en heetten voortaan de B25 Starfire en de B44 Shooting Star. De laatste had een 8 inch voorrem gekregen.

Een jaar later werd de compressieverhouding van de Starfire verhoogd naar 10:1, kreeg hij een 7 inch duplex voorrem en de benzinetank was uitgevoerd in staal in plaats van polyester. Er kwam een zustermodel bij: de B25 Fleet Star. Deze machine was uitgevoerd met een lagere compressieverhouding, een kortere overbrenging en werd geleverd in de kleurencombinatie zwart met wit. Hij was ontworpen voor bedrijven met een grote vloot zoals, besteldiensten, de politie, het leger en andere grote organisaties. De Shooting Star kreeg ook een duplex voorrem, een stalen benzinetank en diverse detailverbeteringen. Het Enduro-model werd de Victor Special en was uitsluitend bedoeld voor de export.

In 1971 verscheen een nieuwe modellijn die bestond uit twee 250cc machines die gebaseerd waren op de B25 en drie 500cc machines die een doorontwikkeling waren van de B44. Zij waren uitgerust met een soortgelijke Ceriani-achtige voorvork als de nieuwe tweecilinders en hadden ook een frame dat tevens dienst deed als olietank. Als hommage aan de oude Gold Star werden deze modellen de B25SS Gold Star en de B50SS Gold Star genoemd.

Een B25 Starfire uit 1970

Een B40 uit 1967.

Een B50.

Gold Star B50 SS

Gold Star B50 SS